Nieuws

De ondernemer en huwelijkse voorwaarden: let op en pas op!

De ondernemer en huwelijkse voorwaarden: let op en pas op!

Op de vraag of er huwelijkse voorwaarden voorafgaand aan het huwelijk zijn gesloten weet bijna een ieder het antwoord, maar het blijft vaak stil als gevraagd wordt naar de inhoud daarvan. Ook ondernemers kunnen deze vraag met regelmaat niet beantwoorden en hier schuilt een groot risico. 

Vormen van huwelijkse voorwaarden

De meest voorkomende huwelijkse voorwaarden zijn:

  1. koude uitsluiting
  2. het finale verrekenbeding;
  3. het periodiek verrekenbeding.

Bij koude uitsluiting blijft al het vermogen, met uitzondering van het vermogen op beider naam, privé: een onderneming blijft bij een scheiding buiten schot.

Bij het finale verrekenbeding rekenen partijen bij een scheiding af alsof zij in gemeenschap van goederen zijn gehuwd. Zij kunnen er voor kiezen om vermogen van de verrekening uit te sluiten, bijv. voorhuwelijks vermogen of (de aandelen van) een onderneming. Indien de onderneming niet expliciet van de afrekening wordt uitgesloten, betekent dit dus dat de waarde binnen het verrekenbeding valt. Deze twee vormen zijn derhalve overzichtelijk voor de ondernemer.

Periodiek verrekenbeding

De problemen ontstaan bij niet uitgevoerde periodieke verrekenbedingen. Bij het periodiek verrekenbeding spreken partijen af dat zij aan het eind van het jaar met elkaar zullen verrekenen wat zij hebben verdiend. Daarbij kunnen verschillende keuzes worden gemaakt voor het inkomensbegrip: het genoten arbeidsinkomen en/of inkomen uit vermogen en/of de genoten dividenden en/of ook de in de onderneming opgepotte winsten?

De wet stelt dat opgepotte winsten verrekend dienen te worden als de huwelijkse voorwaarden een verrekenbeding omvatten waarin ook ondernemingswinsten vallen. Het is derhalve aan partijen en aan de rechtspraktijk over gelaten om dat nader te specificeren.

Het probleem

Op twee punten gaat het vaak mis: partijen rekenen niet jaarlijks af en het inkomensbegrip in de huwelijkse voorwaarden is niet duidelijk geformuleerd.

In het eerste geval loopt een ondernemer een risico als hij tijdens het huwelijk een onderneming start en de (aandelen van de) onderneming bekostigt met overgespaard inkomen, of hiervoor een lening afsluit en die lening afbetaald met overgespaard inkomen. In beide gevallen valt de waarde van de (aandelen van de) onderneming in het te verrekenen vermogen! Dat is erg vervelend als dat nu juist niet de bedoeling is.

Wat als het inkomensbegrip in de huwelijkse voorwaarden niet duidelijk is? Dit gebeurt regelmatig. Aan de ene kant hebben partijen, met de bruiloft in het vooruitschiet, geen zin in discussies en aan de andere kant zien zij de notaris als de deskundige en laten zij de invulling aan hem/haar over. De notaris kan aansluiting zoeken bij de fiscale termen uit de Wet Inkomstenbelasting. De vraag moet dan beantwoord worden of onder die specifieke fiscaal wettelijke IB bepaling opgepotte winsten vallen. Die vraag is niet altijd duidelijk te beantwoorden, nu wettelijke bepalingen meer dan eens voor meerdere uitleg vatbaar kunnen zijn. Bij een scheiding ontstaat dan het probleem dat de rechter de bepaling in de huwelijkse voorwaarden moet gaan interpreteren. Dat doet hij op basis van de Haviltex-norm.

Haviltex-norm

De rechter gaat proberen vast te stellen wat partijen destijds bedoeld hebben, op basis van hetgeen partijen stellen en kunnen bewijzen. Dit is niet simpel, nu de interpretatie van de huwelijkse voorwaarden en bedoeling van partijen bij een scheiding vaak ineens zeer uiteen lopen. Dit leidt er in de praktijk toe dat diverse fiscale begrippen in het ene geval leiden tot uitsluiting van opgepotte winsten van de verrekening en in andere gevallen tot insluiting. Denk daarbij aan bijv. de begrippen winst uit onderneming, netto-inkomsten uit arbeid en belastbaar inkomen als bedoeld in de Wet IB 1964 (of 2001). In de jurisprudentie zijn voor alle termen uitspraken te vinden waarbij in het ene geval beoordeeld is dat de opgepotte winsten onder het verrekenbeding vallen en in het andere geval weer niet, gebaseerd op de stellingen van partijen en de wijze van onderbouwing daarvan. Het hangt allemaal af van de omstandigheden van het geval.

Conclusie

Door de Haviltex-norm kan eenzelfde begrip in huwelijkse voorwaarden in het ene geval een heel andere betekenis hebben en tot hele andere uitkomsten leiden dan in het andere geval. Het kan alle kanten op.

Er lijkt wel de regel uit de jurisprudentie te destilleren dat hoe uitgebreider of algemener het inkomensbegrip, hoe eerder ondernemingswinsten onder de verrekening zullen vallen. Het enkel verwijzen naar fiscale begrippen geeft partijen de mogelijkheid om over de uitleg hiervan te procederen. Het is derhalve van belang dat begrippen in de  huwelijkse voorwaarden goed gedefinieerd zijn en worden. Dit kan in de voorwaarden zelf, in een begeleidende brief van de notaris, of in een considerans. Het liefst in duidelijke “Jip en Janneke taal”, om interpretatie verschillen te voorkomen.

Voorts is het van belang om de huwelijkse voorwaarden tijdens het huwelijk tegen het licht te houden bij een wijziging van omstandigheden, bijv. indien er sprake is van omzetting van de onderneming in een eenmanszaak of een B.V., nu dit gevolgen kan hebben voor de uitleg van het inkomensbegrip in de huwelijkse voorwaarden. 

Gepubliceerd op